Besturingstabblad
Het wiel biedt een visuele weergave van de functies van de controller. Met de wijzers kun je eenvoudig de ventilatorsnelheid en de triggers aanpassen. Daarnaast kun je de instellingen ook wijzigen via de schuifregelaar onder het wiel of de "+/-"-knoppen gebruiken voor een preciezere aanpassing. In het midden van het wiel worden de huidige ventilatorsnelheid, de tijd en de klimaatomstandigheden van het gebied waar de sonde is geplaatst weergegeven. De oranje wijzer langs het wiel toont de huidige temperatuur of luchtvochtigheid samen met de waarde in het midden.

Programmeermodi

Je kunt schakelen tussen klimaatweergaven en triggers door de volgende modi te selecteren:
OFF-modus – Zet het apparaat uit.
ON-modus – Laat het apparaat continu draaien op een niveau van 0 tot 10.
AUTO-modus – Stel temperatuur- en vochtigheidstriggers in die het apparaat aan- of uitzetten.
TIMER TO ON-modus – Een eenmalige countdown, waarna het apparaat wordt ingeschakeld.
TIMER TO OFF-modus – Een eenmalige countdown, waarna het apparaat wordt uitgeschakeld.
CYCLE-modus – Stel een aan-/uit-interval in dat het apparaat continu herhaalt.
SCHEDULE-modus – Stel een dagelijks aan-/uitschakelschema in dat wordt herhaald.
Instellingen die je programmering beïnvloeden

1. Instellingen voor maximaal en minimaal niveau – alle programmeermodi kunnen door deze instellingen worden begrensd. Wanneer het apparaat wordt geactiveerd naar "Uit", draait het op het door jou ingestelde minimumniveau. Wanneer het wordt geactiveerd naar "Aan", draait het tot het ingestelde maximumniveau. De Max- en Min-instelling is het niveau dat je respectievelijk in ON- of OFF-modus hebt ingesteld.
2. Overgangsinstelling – programmeert het apparaat om zijn niveaus dynamisch aan te passen op basis van het verschil tussen de temperatuur of luchtvochtigheid en je streefwaarde.
3. Buffer-instelling – geldt voor stopcontactapparaten die alleen aan of uit kunnen worden gezet, en voegt een marge toe aan je temperatuur- en vochtigheidstriggers om te voorkomen dat je apparaat te snel weer uitschakelt.